Flikken.com - Uw alibi voor alle momenten

Andrea Croonenberghs: “Wie vals zingt, doet mij pijn”

Voorzitster Eurosong-vakjury toont in De notenclub hoe het moet

Brussel- “Het is niet omdat ik sinds Flikken niet meer optreed als zangeres, dat ik niet meer zou willen zingen”, zegt Andrea Croonenberghs. Wie niet weet waarom net Andrea voorzitster is van de Eurosong- vakjury, moet vanavond naar De notenclub (TV1) kijken. Ze deelt er de pianokruk met Guy Swinnen en Danny Wuyts.

Acht jaar lang toerde Andrea met haar band La Piovra door Vlaanderen.
Andrea Croonenberghs:
“In oktober ‘98 zette ik daar voorlopig een punt achter. Dat combineren met de opnames van Flikken was niet meer mogenlijk. Maar het gaat er vroeg of laat weer van komen, ik voel het.”

Ben je een natuurtalent?
“Als jij dat zegt. Ik volgde vier jaar notenleer, maar dat was mij te theoretisch. Mijn eerste openbare optredens dateren van bij de scouts. Er was toen altijd wel iemand die goed gitaar kon spelen en mij kon begeleiden. Starry, Starry night was één van die hits die telkens terugkwam. Mijn eerste, échte optreden op een écht podium was tijdens mijn Conservatoriumperiode. Daarna volgden als snel enkele café-chantants met een pianist in Genk en Antwerpen”

Kom je uit een muzikale familie?
“Mijn vader speelde piano en was in hart en nieren een liefhebber van klassieke muziek. Mijn moeder daarentegen was niet echt muzikaal. Mijn broer en zus, negen en zeven jaar ouder dan ik, volgden wel muziekschool, maar meer dan wat onhandig getokkel op de piano is dat toch niet geweest. Ze brachten mij wel de liefde voor muziek bij. Ik mocht namelijk naar hun platen luisteren. Mijn broer is uiteindelijk architect geworden, mijn zus zit in de sociale sector.”

Als je niet meer optreedt, zing je dan nog wel?
“Tuurlijk zing ik nog. Vooral als ik in de auto zit. Ik durf dan luidkeels met de radio mee te zingen, of met Ilse Delanghe of Mauranne op cd”

Is het ooit bij je opgekomen om bekend te worden als zangeres in plaats van omroepster en actrice?µ”Ik heb nooit bekend willen worden. Dat is oninteressant. Ik wil altijd doen wat ik graag doe, samen met mensen die ik intressant vind. Het heeft geen zin om iets te forceren. Wat mij in het zingen zo intresseert, is het livegedeelte. Met Piovra dachten we een paar keer aan een cd maar meer dan gefoefel, is dat nooit geweest. Optreden, dat wilden we.”

Tijdens Eurosong ben je goed geplaatst om de kanidaten erop te wijzen dat ze niet altijd de toon kunnen houden.
Dat hij of zij de toon kan houden, lijkt me essentieel voor iemand die aan een liedjeswedstrijd wil meedoen. Als iemand vals zingt, dan voel ik dat fysiek. Moeilijk om uit te leggen, maar het doet mij letterlijk pijn.”

Bron: Het Volk, 01/02/2002

Flikken.com - Uw alibi voor alle momenten

Andrea Croonenberghs: “Wie vals zingt, doet mij pijn”

Voorzitster Eurosong-vakjury toont in De notenclub hoe het moet

Brussel- “Het is niet omdat ik sinds Flikken niet meer optreed als zangeres, dat ik niet meer zou willen zingen”, zegt Andrea Croonenberghs. Wie niet weet waarom net Andrea voorzitster is van de Eurosong- vakjury, moet vanavond naar De notenclub (TV1) kijken. Ze deelt er de pianokruk met Guy Swinnen en Danny Wuyts.

Acht jaar lang toerde Andrea met haar band La Piovra door Vlaanderen.
Andrea Croonenberghs:
“In oktober ‘98 zette ik daar voorlopig een punt achter. Dat combineren met de opnames van Flikken was niet meer mogenlijk. Maar het gaat er vroeg of laat weer van komen, ik voel het.”

Ben je een natuurtalent?
“Als jij dat zegt. Ik volgde vier jaar notenleer, maar dat was mij te theoretisch. Mijn eerste openbare optredens dateren van bij de scouts. Er was toen altijd wel iemand die goed gitaar kon spelen en mij kon begeleiden. Starry, Starry night was één van die hits die telkens terugkwam. Mijn eerste, échte optreden op een écht podium was tijdens mijn Conservatoriumperiode. Daarna volgden als snel enkele café-chantants met een pianist in Genk en Antwerpen”

Kom je uit een muzikale familie?
“Mijn vader speelde piano en was in hart en nieren een liefhebber van klassieke muziek. Mijn moeder daarentegen was niet echt muzikaal. Mijn broer en zus, negen en zeven jaar ouder dan ik, volgden wel muziekschool, maar meer dan wat onhandig getokkel op de piano is dat toch niet geweest. Ze brachten mij wel de liefde voor muziek bij. Ik mocht namelijk naar hun platen luisteren. Mijn broer is uiteindelijk architect geworden, mijn zus zit in de sociale sector.”

Als je niet meer optreedt, zing je dan nog wel?
“Tuurlijk zing ik nog. Vooral als ik in de auto zit. Ik durf dan luidkeels met de radio mee te zingen, of met Ilse Delanghe of Mauranne op cd”

Is het ooit bij je opgekomen om bekend te worden als zangeres in plaats van omroepster en actrice?µ”Ik heb nooit bekend willen worden. Dat is oninteressant. Ik wil altijd doen wat ik graag doe, samen met mensen die ik intressant vind. Het heeft geen zin om iets te forceren. Wat mij in het zingen zo intresseert, is het livegedeelte. Met Piovra dachten we een paar keer aan een cd maar meer dan gefoefel, is dat nooit geweest. Optreden, dat wilden we.”

Tijdens Eurosong ben je goed geplaatst om de kanidaten erop te wijzen dat ze niet altijd de toon kunnen houden.
Dat hij of zij de toon kan houden, lijkt me essentieel voor iemand die aan een liedjeswedstrijd wil meedoen. Als iemand vals zingt, dan voel ik dat fysiek. Moeilijk om uit te leggen, maar het doet mij letterlijk pijn.”

Bron: Het Volk, 01/02/2002


Terug